Wat is de risico-indicator voor beleggingsfondsen?
Elk beleggingsfonds brengt specifieke risico’s met zich mee. Deze risico’s worden toegelicht in de beschrijving van elk fonds.
De risico- en opbrengstindicator wordt bepaald op basis van de volatiliteit (de mate van koersschommelingen) van het fonds. Dit gebeurt op een schaal van 1 (laag risico) tot 7 (hoog risico). De berekening is gebaseerd op de wekelijkse rendementen van het fonds over de afgelopen vijf jaar. Dit systeem volgt de Europese richtlijnen om verschillende beleggingsfondsen onderling vergelijkbaar te maken.
Belangrijk om te weten is dat historische gegevens, die gebruikt worden voor deze berekening, geen garantie bieden voor toekomstige prestaties. De risicocategorie van een fonds kan in de loop van de tijd veranderen.
Over het algemeen hebben aandelenfondsen een hogere volatiliteit dan obligatiefondsen. Binnen aandelenfondsen vertonen fondsen die zich richten op kleine en middelgrote beursgenoteerde ondernemingen vaak een nog grotere beweeglijkheid. Dit komt doordat koersschommelingen van kleinere aandelen een grotere impact kunnen hebben op de totale waarde van het fonds.
Een lage risicocategorie betekent overigens niet dat de belegging geheel zonder risico is.
Risicocategorie Standaarddeviatie (%) Risico-indicatie
1 < 0,5 Zeer laag risico
2 0,5 - 2 Laag risico
3 2 - 5 Gemiddeld laag risico
4 5 - 10 Gemiddeld risico
5 10 - 15 Gemiddeld hoog risico
6 15 - 25 Hoog risico
7 > 25 Zeer hoog risico
Elk beleggingsfonds kan te maken krijgen met één of meerdere specifieke risico’s. De belangrijkste risico’s voor beleggers zijn:
Door een goed begrip van deze risico-indicatoren en specifieke risico’s kunnen beleggers beter geïnformeerde keuzes maken bij het investeren in fondsen.